Andre Agassi
Foto Dan MacMedan/ Contour by Getty Images
'Op die school ontdekte ik hoe levens ten goede kunnen veranderen.'

Lees ook

Readers Digest: De wereld kent u als tennisser. Een paar maanden geleden verscheen uw autobiografie. Het boek heet ‘Open’ en het is inderdaad ...
Agassi: Als proftennisser heb ik altijd een publiek leven geleid, en veel van wat over mij geschreven werd was gewoon fout, zowel goede dingen als slechte. Ik wist de weg op de tennisbaan, maar niet in de wereld daarbuiten. Ik wist niet goed wie ik zelf was. Hoe konden anderen dat dan weten? Ik was een vat vol tegenstrijdigheden die ik niet kon verklaren. 
 
Readers Digest: En hebt u Andre Agassi intussen begrepen?
Agassi: Ik begrijp hem elke dag iets beter, en ik deel mijn leven met de mensen die ik vertrouw. 
 
Readers Digest: Uw vader staat bekend als een autoritaire leermeester. Het tenniscircuit was uw slagveld, en u werd daar vrijwel op vermorzeld. Waarom rekent u in uw boek niet sterker af met uw vader?
Agassi: Mijn vader is onvoorstelbaar loyaal. Ik zou willen dat hij minder van me hield. Hij heeft echt een hart van goud. Hij was alleen op zoek naar de kortste weg naar de Amerikaanse droom ... 
 
Readers Digest: ... en op die weg lag uw succes.
Agassi: Mijn vader had een plan en je kunt je niet voorstellen hoe gedisciplineerd hij is. Ik weet niet hoe hij het deed: twee banen, vier kinderen, uren achter elkaar met ons op de tennisbaan staan, al die krankzinnige discipline. Hij heeft veel positieve kanten. 
 
Readers Digest: Maar u werd twee decennia lang door de negatieve kanten overheerst.
Agassi: Ik vroeg hem eens: ‘Papa, hoe ben je omgegaan met alles wat de mensen over je zeiden, over hoe je dingen deed, hoe je met jezelf omging, en met ons?’ Hij zei: ‘Het kan me niet schelen wat anderen over me zeggen. Als ik het over kon doen, zou ik alles precies hetzelfde doen. Met een uitzondering: ik zou jou niet meer laten tennissen, maar je op golf doen of honkbal. Die sporten had je langer kunnen volhouden en dan had je meer verdiend.’ 
 
Readers Digest: Leuk …
Agassi: Je moet hem begrijpen. Mijn pa groeide als Armeense christen op in het islamitische Iran. Hij moest elke dag vechten tegen de wereld. Hij had een moeder die hem slecht behandelde, die hem zelfs dwong in meisjeskleren naar school te gaan. Hij leerde al heel vroeg dat hij niemand kon vertrouwen. Toen hij daarna naar de VS kwam sprak hij geen woord Engels, maar op een of andere manier wist hij zijn school af te maken. Die man heeft nooit in zijn leven kunnen kiezen; hij wilde dat wij, zijn kinderen, alle kansen kregen die hij niet had gehad. De ironie wil dat hij ons daarbij geen enkele keuze liet. Hij was zo arm dat succes helemaal niets voor hem betekende als hij er geen geld mee kon verdienen. Een kans hebben betekende dus maar een ding voor hem: geld. 
 
Readers Digest: Als tennisser hebt u in een profcarrière van 20 jaar alle belangrijke toernooien gewonnen, en de Olympische gouden medaille. U werd de hoogst geplaatste speler ter wereld. En nu beweert u in uw boek dat u tennis haatte.
Agassi: Om mij te begrijpen moet je je iets kunnen voorstellen bij de druk waaronder ik als jongetje al leefde. Bij ons thuis hing de sfeer altijd af van of ik goed of slecht getraind had, of ik gewonnen had of verloren. Dan aten we samen of iedereen maakte iets voor zichzelf klaar. En uiteindelijk werd de inzet steeds hoger, want het ging om een hoop geld. Ons inkomen steeg, maar aan de manier waarop wij als gezin met elkaar omgingen veranderde niets. Verliezen betekende dat alle anderen eronder leden, want mijn vader accepteerde onder geen enkele omstandigheid een nederlaag. Toen ik vier was merkte ik dat mijn vader ruzie maakte met mijn oudere broers en zussen als zij verloren. Als ik naar hun wedstrijden ging was ik voortdurend bang dat ze zouden verliezen. Zij wonnen niet vaak genoeg, en ik was mijn vaders laatste hoop. Ik had talent, ik won, maar ik haatte alles eromheen. 
 
Readers Digest: In uw autobiografie vertelt u dat u op een gegeven moment besloot alleen nog maar voor uzelf te spelen. Wanneer was dat?
Agassi: In 1997, toen ik 27 was. In die tijd speelde ik zo slecht: ik was als 141ste geplaatst op de wereldranglijst en moest een wild card  accepteren om te kunnen spelen in een toernooi in Stuttgart. Brad Gilbert, die toen mijn coach was, kon niet omgaan met mijn tanende succes. Hij riep mij en het team bij elkaar in zijn hotelkamer en zei: ‘Je stopt ermee, of we beginnen helemaal opnieuw. En we gaan hier niet weg tot jij een besluit genomen hebt.’ Ik hield niet van mezelf en ik stond onverschillig tegenover wat ik had bereikt. 
 
Readers Digest: U was sinds 1986 prof, dus in 1997 zat u al elf jaar in het vak. Zowel op sportief als op zakelijk gebied had u al zoveel bereikt dat u niet meer hoefde te werken.
Agassi: Klopt. Ik zei tegen mezelf: Je kunt nu direct stoppen. Je hebt alles wat je nodig hebt: geld, een vrouw, en je bent eindelijk vrij. Beter kan het niet worden. Maar toen realiseerde ik me dat ik nu op een punt was beland waarop ik eindelijk zelf kon bepalen wie ik als tennisser wilde zijn. De hamvraag was: Waarom zou ik doorgaan met spelen? Ik vond daar een antwoord op toen ik mijn school oprichtte ... 
 
Readers Digest:  ... de Andre Agassi Foundation, waar kinderen uit een zwakke sociale omgeving worden getraind en ondersteund. Agassi: Op die school ontdekte ik hoe levens ten goede kunnen veranderen. Vanaf dat moment speelde ik voor mijn leerlingen. Ik zei tegen mezelf: ‘Tennis blijft zwaar, zwaar voor je hoofd, maar je speelt nu voor iets blijvends, iets dat belangrijker is dan je eigen behoeften.’ 
 
Readers Digest: In de tweede fase van uw carrière veranderde dus niets. U had alleen meer succes.
Agassi: Dat klopt helemaal. Ik ben een wandelende contradictie. 
 
Readers Digest: U ging weer spelen, niet voor uzelf, maar voor anderen, voor iets anders.
Agassi: Precies, maar dit keer voor een team waar ik achter kon staan, voor iets dat me voldoening gaf.
 
Lees het volledige interview in onze editie van juni 2010.

Geef uw score
Leuk artikel?Geef een hogere score!

Meest gelezen in Inspiratie

  1. 'Niemand mag honger lijden!'
  2. Bent u onze nieuwe reisverslaggever?
  3. De eetbare wolkenkrabber

Meer Artikelen

Reageer op dit artikel

Naam*
E-mail*
Reactie*

Reactie aan de redactie

 

Verdien € 100,- door ons uw bijdrage te sturen!


Wilt u reageren op een van onze artikelen, hebt u een suggestie of een tip voor de redactie? 

Of wilt u 100 euro verdienen met een persoonlijke bijdrage voor een van onze rubrieken, Lachen!, Leven of Op 't Werk? 
 

Stuur uw reactie!

 
Sluiten
button