Foto JuliaSamuël

‘Hi chaps, how are you?’ vroeg de Engelsman vriendelijk en breed glimlachend, terwijl hij uit zijn Land Rover Defender stapte. Julia Samuël stond even met haar mond vol tanden, hier in de drukkende hitte van Ghana. Was dit dezelfde man over wie men had gezegd dat het een stugge, norse kerel was?

Er viel nog meer op aan de twee meter lange David Robertson: hij miste een arm en een been. Samuël was hier met haar filmploeg van het tv-programma De heilige koe om een item te maken over de terreinwagen van de Brit. Hij was bij de programmamakers aanbevolen als doorgewinterd gebruiker van de fourwheeldrive omdat hij voor de organisatie Drive

Against Malaria heel Afrika doorcrosste om aandacht te vragen voor de strijd tegen malaria en om muskietennetten

uit te delen. Dan kun je wel wat over die auto vertellen.

Maar hier kwam dus een gehandicapte man op de crew af. Julia was onder de indruk. Ongelooflijk dat hij op deze onherbergzame plek zijn werk deed. Er was direct een klik en tussen het filmen door raakten de twee in gesprek.
 Gepassioneerd vertelde David over wat hij in Afrika meemaakte: ‘Ik kom soms dorpen binnen waar alle mensen op me afstormen zodra ze de grote muskiet en het woord “malaria” op mijn Land Rover zien.
 Ze willen me dan niet meer laten gaan omdat ze denken: deze man is onze redding.
Overal heb ik kinderen zien sterven aan malaria; in heel Afrika gaat het om drieduizend kinderen per dag, jonger dan vijf jaar.
 Ik heb gezinnen gezien waar ze zeven of acht kinderen hadden verloren aan die ziekte. Ik heb ziekenhuizen gezien waar

ze alleen maar paracetamol hebben om malaria te “genezen”.

Om bloed te prikken is er soms maar één spuit. Het is schrijnend.’

Julia wist dat malaria dodelijk kan zijn: twee ooms, broers van haar vader, waren in Indonesië gestorven aan malaria, maar daar werd thuis over gezwegen. Davids verhaal was echter wel extreem. Was het werkelijk zo erg?

Julia had lang moeten aandringen bij de programmaleiding om in Afrika een reportage te mogen maken. ‘Te gevaarlijk,’ had ze steeds te horen gekregen.
Maar nu ze David hier had ontmoet en zijn verhaal had gehoord, kon ze niet zomaar weer op het vliegtuig stappen, op naar de volgende autoreportage. Ze moest hier iets mee doen.

‘David,’ zei ze, ‘ik wil een documentaire maken over jou en je werk.’

Een paar maanden later, in december 1999, keerde Julia inderdaad terug naar Afrika.
David, die zich op dat moment in Mali bevond, hoefde niet lang te rijden om Julia te bewijzen dat het met de malariabestrijding zeker zo erg was als hij eerder had beweerd.
 In het eerste het beste dorpje dat ze aandeden zag Julia direct al een stervend kind.

Ze dacht hardop: dat kind slaapt. Maar David schudde zijn hoofd en fluisterde:
‘Het ligt in coma, vandaag of morgen sterft het.’ Het sneed Julia door de ziel.
 En in het ene dorp na het andere dorp volgde hetzelfde treurige beeld:
 malariaslachtoffers die op sterven lagen.

Het raakte haar diep dat de ziekte die deze mensen trof eigenlijk zo eenvoudig te voorkomen én te genezen is.

Het gebruik van een muskietennet neemt het grootste deel van het risico al weg.
 Maar velen wisten dat niet of dachten dat je de hele dag onder zo’n net moet verblijven
(de muskiet wordt echter pas ’s avonds actief).

En als je de ziekte toch oploopt, dan bestaat er een kuur van drie dagen die volledig herstel belooft. Kosten: nog geen euro.

Nadat ze haar documentaire had afgerond stond haar besluit vast: ik ga David helpen.

Met concrete hulp, niet alleen met media-aandacht. Terug in Nederland vertelde ze
 haar vader over haar plan.

‘Julia, het is mooi dat je dat gaat doen,’ reageerde hij, ‘maar wees alsjeblieft voorzichtig.’ Haar vader, geen emotionele man, zei het met tranen in zijn ogen.

Julia ging los. Ze richtte een stichting op (Trans World Foundation), begon met fondsen werven, liet zich bijscholen over malaria, hoe je mensen erop test en hoe je medicijnen toedient.

Met een bescheiden startbedrag, 25.000 gulden, voornamelijk geld van haarzelf, kocht ze muskietennetten en deelde die samen met David uit.

Samen legden ze uit wat koorts is, wat een thermometer is en hoe je die gebruikt, en dat iemand een grotere hoeveelheid medicijnen nodig heeft naarmate hij meer weegt.

Problemen liggen altijd op de loer. De anti-malariapillen moeten worden ingenomen met water, maar er is niet altijd schoon water voorhanden. Het moet dus gekookt worden, maar dan bestaat het risico dat ouders hun kind kokend water te drinken geven. Het water eerst laten afkoelen – ook dat was een les die ze de mensen soms moesten leren.

Zo vloog Julia heen en weer tussen haar werk in Nederland en Afrika. Hoewel de malariabestrijding veel voldoening gaf,
knaagde het aan haar dat zij en David ook vaak niets konden uitrichten.

Bijvoorbeeld omdat ze domweg niet genoeg medicijnen bij zich hadden.
Het gaf haar een gevoel van onrust, maar ook de drive om steeds weer terug te keren naar Afrika.

Het was mede daarom een grote schok toen er in 2001 borstkanker bij haar werd geconstateerd.

Al maandenlang had ze tijdens het joggen iets raars in haar borst gevoeld. Eerst was het alsof er een sleutelbos meebewoog tijdens het rennen, later werd het een drukkende pijn. Toen de diagnose eenmaal was gesteld,

bleek er een wachtlijst voor behandeling te bestaan. Julia stond perplex. Zo’n ernstige ziekte en dan wordt er niet direct ingegrepen?

De emotionele slag van dit persoonlijke drama was groot. Maar Julia’s gedachten gingen ook uit naar Afrika.

Haar werk was niet af. Mensen rekenden op haar. Hoeveel mannen, vrouwen en kinderen hebben we in de steek gelaten die hun hoop op ons hadden gesteld? dacht ze.

Elk oponthoud in haar behandeling, zo hield ze zichzelf voor, betekende dat er in Afrika mensen stierven omdat David en zijzelf hen geen medicijnen konden brengen.

Dus begon ze lukraak ziekenhuizen te bellen, totdat ze een plek vond waar ze terecht kon. Haar opluchting sloeg echter om in wanhoop toen uit verdere tests bleek dat ze niet één maar twee gezwellen had. Voor haar gevoel was het alsof er een vrachtwagen vol bagger over haar werd uitgestort. Ze dacht: hier verdrink ik in.

Na haar operatie nam dat gevoel alleen maar toe. Ze had moeite om nog belangstelling op te brengen voor haar omgeving. Klassieke muziek boeide haar niet meer. Kranten en tv liet ze links liggen. Haar oncoloog zag het aan en zei:

‘Op deze manier ga ik je verliezen. We kunnen van alles doen, maar als jij het opgeeft dan wordt het voor ons erg zwaar om je weer op de been te krijgen. Welke droom zou je nog graag willen waarmaken?’

Het antwoord was kort: ‘Afrika.’ Geïntrigeerd vroeg de oncoloog, die zelf in Afrika had gewerkt, wat ze daarmee bedoelde.

Julia vertelde met veel vuur over David Robertson en de malariabestrijding. Zijn reactie: ‘Dan gaan wij het behandelplan zo inrichten dat jij weer naar Afrika kan.’ De oncoloog zag Julia opleven. Er verschenen weer lichtjes in haar ogen.

Meest gelezen in Inspiratie

  1. Elke dag een glimlach - DAG 5
  2. Vier topatleten die kanker overwonnen
  3. Kan Bon Jovi op tegen deze rockers?

Meer Artikelen

2 Reacties

on 12 January 2010 ,22:20

on 12 January 2010 ,18:02

Reageer op dit artikel

Naam*
E-mail
Reactie*

Reactie aan de redactie

Verdien € 100,- door ons uw bijdrage te sturen!

Wilt u reageren op een van onze artikelen, hebt u een suggestie of een tip voor de redactie? 

Of wilt u 100 euro verdienen met een persoonlijke bijdrage voor een van onze rubrieken, Lachen!, Leven of Op 't Werk? 

Stuur uw reactie!